Even een heilig huisje omver trappen: zittenblijven is zo slecht nog niet. Een derde van de middelbare scholen kiest er namelijk voor om – met covid19 als achterliggende reden – al haar scholieren over te laten gaan. En daarom trap ik even tegen dit heilige huisje, want ik voorzie de nodige struggles.

Hier spreekt namelijk een ervaringsdeskundige. Groep 8 deed ik twee keer, de derde van de mavo deed ik eveneens twee keer (goed, ik deed ook geen piep tijdens de eerste keer derde) en tot overmaat van ramp switchte ik tot twee keer toe van opleiding. Soms duurt het nu eenmaal wat langer voordat je op de plek zit waar je moet zitten.

En dat is helemaal geen ramp; soms ben je er immers nog niet klaar voor. Nee, in mijn geval begrijpelijk: van een keurig dorpsschooltje ergens op de Veluwe naar een school in een wijk met uitdagingen in de hoofdstad van Noord-Brabant. Weggerukt uit je vertrouwde omgeving enzo, that kind of stuff. 

Als je vanuit de ‘bible beld’ komt, is de overgang naar de hoofdstad van Noord-Brabant een grote, maar ook uitdagende én mooie. De eerste tijd was een tijd van strubbelingen, pendelen tussen Noord-Brabant en de Betuwe (waar mijn vader nog woonde) en dat zorgde nou niet bepaald voor rust. 

De eerste keer cito-score (in 1996) bevestigde wat iedereen al vermoedde: er zit potentie in dat jong maar hij moet nog een jaartje overdoen. De tweede keer cito-score (in 1997) bewees dat het even nodig was: exact op het gemiddelde; ik kon dus alle kanten op, iets wat het jaar daarvoor haast ondenkbaar was.

Het moment dat ik hoorde dat ik bleef zitten. Ja, het is even klote met peren. Want al je klasgenoten gaan over en jij blijft achter. Alsof je de dombo van de klas bent. En als je een beetje de outsider in de groep bent, bekruipt je helemaal het gevoel dat je met -10 achter staat. Maar is dat wel zo?

De tijd vorderde en 1997 kwam in zicht. Er was ruimte voor reparatie, het zodanig managen van struggles en soms net even iets beter weten hoe de vork in de steel zit dan de rest van de klas. Want ja, er zijn natuurlijk vakken waar je beter in bent. De cito-score was dan ook, zoals gezegd, navenant. Een lekkere Argentijnse steak in de hoofdstad van Nederland lag vervolgens op me te wachten (net als Madame Tussaud), dat was de beloning.

Of was de daadwerkelijke beloning dat ik nóg meer gepokt en gemazeld aan de mavo begon? Qua leeftijd wel, ik was de oudste. Maar het bracht me ook een plek in de leerlingenraad, schoolkrantredactie en wat nog meer. Omdat je toch – ongezien – wat beter beladen de tent komt binnengelopen dan de rest.

Dus om maar te besluiten: zittenblijven is écht zo slecht nog niet.